Dieren op de tuin
Dieren op de tuin
Haasjes in het net
Veel tuinders werken met netten om hun met liefde opgekweekte groente en fruit te beschermen tegen concurrerende hongerige magen. Begrijpelijk. We kregen een tip van een medetuinder die twee jonge hazen, of konijnen, verstrikt vond in niet afdoende opgeborgen netten. De beestjes werden uit de knoop gehaald. Ze kwamen met de schrik vrij en hebben nu een mooi leven in het Hitland.

Oktober 2024- Bewonerscommissie tuin 27
Bij de ingang van mijn tuin werd ik opgewacht door de bewonerscommissie. Ze keken me met woedende oogjes aan. Oei, dat beloofde niet veel goeds. Ik haalde de bosmaaier van mijn schouder, plaatste die tegen de pruimenboom van buurman Freek en zette me schrap.
“We hebben klachten”, snerpte de voorzitter. Zijn vrouw keek hem bewonderend aan en ging er eens goed voor zitten.
“Geluidsoverlast”, piepte de secretaris. Demonstratief haalde ze haar gehoorbeschermers, twee flinke dotten gras, uit haar oren.
“Moord”, sliste een van de oudere leden – ik wist niet precies wie, ze lijken ook zo veel op elkaar.
Ik was er gloeiend bij. “Ik ben ook maar een mens”, mompelde ik schuldbewust. Ze keken me vol afkeer aan. “Ik moet nog wennen aan mijn nieuwe rol”, zuchtte ik.
Het viel me inderdaad niet mee. Tot voor kort was ik gewoon een vrolijke moestuinier geweest. Daar hadden de bewoners van mijn tuin maling aan gehad. Ik stond sinds enkele weken bij hen onder contract als conciërge en voorradenleverancier.
De voorzitter haalde een lijst tevoorschijn, schraapte zijn keel en zei: “Voortaan zijn dit de nieuwe regels:
Gebruik van bosmaaier en grasschaar is verboden.
Voortdurende aanplant van lekker jonge groene blaadjes is verplicht.”
Ik slikte en keek verdrietig naar mijn bosmaaier.
“Ook niet af en toe? Soms?”
“Nee” zei de voorzitter. Hij klapte venijnig zijn fazantenvleugels uit. “Weg met dat ding. Je hebt de hele muizenkolonie blijvende gehoorschade toegebracht.”
“Maar de grasschaar dan, die is toch stil?” De pad-waarvan-ik-de-naam-niet-wist loeide me toe als ware hij een brulkikker: ”je hebt ons dakloos geknipt! Het regent nu rechtstreeks naar binnen. En al onze vijanden zien in 1 oogopslag waar wij wonen!” Ik knikte begrijpend. Dat was inderdaad een probleem.
“De zonnebloemen heb je veel te hoog laten uitgroeien. Ik kan er niet meer bij. En bovendien, die bloemen hoef ik niet. Ik eet alleen de jonge knoppen”, vervolgde fazant.
“En geen knoflookveldje meer, het lijkt wel een Griekse taverne in mijn huis”. Mol keek not amused uit zijn blinde oogjes.
“En tenslotte: geen netten meer over de bakken. Zo kunnen we toch helemaal niet bij ons eten!”
Opgewonden piepte, floot, siste de commissie het uit.
“Weet je wel hoe lang we er over gedaan hebben om terug te komen nadat je ons in het water had gegooid?”. Een slak kroop langzaam en verontwaardigd naar voren. Spuit elf.
“Nou ja , toch ook weer niet zó lang” prevelde haar buurman. Ze negeerde hem. “En een van ons kon nog niet zwemmen en is verdronken.” Verontwaardiging alom.
Opeens had ik er schoon genoeg van.
“Jullie hóeven hier niet te wonen hoor” zei ik, “er zijn genoeg andere woonparadijzen in de directe omgeving. Met vast veel betere conciërges dan ik.”
Stilte.
Oortjes werden gespitst. Blinde oogjes begonnen te schitteren. Veren te fladderen, snorharen te trillen, staarten te kronkelen. Er werd instemmend geknikt en opgewonden met elkaar gefluisterd.
Ik haalde opgelucht adem.
U bent gewaarschuwd.
Heleen – tuin 27
November 2023 Stekelige bezoeker warm ontvangen
Gespot op de tuin. Hij lust kattenbrokjes en druiven. Maar ook wormen, spinnen, kevers en slakken staan op zijn menu. Nuttig beestje dus. Het zou ook goed zijn als we meerdere egelhuisjes op de tuin zouden hebben.
Een dag later.
Hij heeft z’n moeder meegenomen. Nu moet er zeker een egelkast voor de winter komen.
En nog voordat het echt koud is geworden: het egel winterverblijf. Staat lekker beschut in een hoekje vol met dood blad.
Moeder en dochter zitten lekker aan de kattenbrokjes te knabbelen Met die pot op z’n kant blijven de brokjes lekker droog.
Ronald
Juni 2023 Zwerfkat

U heeft haar het afgelopen half jaar misschien wel gezien of gehoord, een lapjeskat of schildpadje, die op het complex rondliep. Omdat ze een probleem met haar oog had is zij onlangs door vrijwilligers van de Stichting Zwerfkat gevangen en voor behandeling naar een dierenarts gebracht. Het diertje was niet gechipt en daarom is ze nu naar een tijdelijk onderkomen, in afwachting van een gouden mandje.
Petra
Mei 2023 Opmerkelijk: Dwaalgast

Insecten, slakken, bijen, wespen, vlinders, woelratten, muizen, luizen, fazanten, misschien een klein vogeltje, dit kunnen we allemaal in onze kas aantreffen. Deze bonte specht is toch wel iets bijzonders. Het beestje zit zichtbaar niet op zijn gemak, maar wist zich (uiteraard na het nemen van deze foto) toch vrij soepel op eigen kracht uit de voeten te maken.
Ad
Een jaar rond de bijenkast
#4: Herfst
De herfst is in gang gezet. We zien het allemaal aan onze tuin. De bloemen en vruchten worden minder, het blad krijgt de echte herfstkleuren, we kunnen veel minder lang in de avond in de tuin aan de slag omdat het steeds eerder donker wordt. Hier en daar stonden stukken tuin van de week door de regen bedekt onder een flinke laag water.
Voor mij als imker betekent dit ook dat mijn werkzaamheden veranderen rond de bijenkasten. Ik denk al aan de winter in augustus. Dan beoordeel ik de volken: zijn ze gezond genoeg om de winter in te kunnen? Of moet ik helpen? Er zijn niet veel bloemen meer, dus na de laatste honingoogst in juli moeten ze de wintervoorraad zelf hebben aangelegd. Door het aanhoudende warme weer hebben de bijen lang doorgevlogen. Dat klinkt als een positief iets, maar vaak zijn de bloemen in deze tijd wel vol stuifmeel, maar met minder nectar. Stuifmeel gebruiken de bijen veel minder in de winter.
Door al dat vliegen hebben ze ook meer honger, dus gaat de voorraad hard achteruit. Een volk gebruikt ongeveer 14 kilo voer per winter, ik heb alle volken dus een beetje moeten helpen. Inmiddels zijn ze vaker in de kast dan aan het vliegen en wordt het aantal bijen langzaam aan minder. Zij zijn zich echt aan het voorbereiden op de winterperiode. Ik laat ze dan nu ook zo veel mogelijk met rust.
Ik heb de oude raten omgesmolten, zodat de raampjes in het voorjaar weer vers ingehangen kunnen worden. Van de schone was maak ik deze winter kaarsjes. Zo blijven we lekker bezig.
De wilde bij is zich ook aan het voorbereiden op de winter. De dikke hommels komen nog wel vaak voorbij zoemen. Toch vliegen ook zij steeds minder en kun je ze zelfs slapend in een hoopje bladeren vinden. Regelmatig tref ik ze slapend in een bloem, vooral zonnebloemen die hangen met hun kop zijn favoriet, daar zitten ze droog. Maar ook cosmea en dahlia’s zijn aantrekkelijk om even in uit te rusten. Dus kijk als u in de tuin bent ook zeker eens echt ín de bloemen die er nog staan, wie weet wordt u verrast door zo een schattig plaatje als hieronder.

#3: Zwermen

Een aantal van jullie heeft ze gezien: de zwermen in de moestuin. Een zwerm is best indrukwekkend en sommigen vinden het eng. Maar een zwerm is juist vaak heel rustig.
Waarom zwermen bijenvolken nu eigenlijk?
In de vorige nieuwsbrief vertelde ik dat een bijenvolk in de winter krimpt tot zo’n 15.000 bijen. In het voorjaar groeit een volk enorm. Door de vele eitjes die de koningin legt groeit een volk al gauw tot 40.000 bijen. Dat betekent een bomvolle kast. De bijen besluiten hierom een paar larfjes te promoveren zodat deze uit kunnen groeien tot koningin. Als dat is gebeurd gaat de regerende koningin met een deel van het volk op zoek naar een nieuwe plek. De achterblijvende bijen zorgen voor de larfjes en de koninginnenlarfjes. De koningin die geboren zal worden neemt het stokje over. Zo ontstaat een nieuw volk. Zwermen is dus voortplanting.
Een zwerm vliegt eerst naar een plek in de buurt, waarna verkenners op zoek gaan naar een geschikte plek. Van nature zijn dat holle bomen, maar helaas voor de bijen zijn die er niet veel meer. Vandaar dat een volk zich wel eens vestigt in bijvoorbeeld de spouwmuur.
Een paar weken geleden kreeg ik de melding dat er aan de ’s-Gravenweg een zwerm hing in een boom. Deze heb ik in de avond geschept en neergezet in de tuin, maar de volgende dag gingen ze met een tussenstop alsnog op pad naar een andere plek. Twee dagen later hing er in een heg op het complex een nieuwe zwerm. Ook deze heb ik ondergebracht in een kast. De volken die ik schep geef ik weg aan een imker of een vereniging die ze wel kunnen gebruiken.
Mijn volken hebben ook de natuurlijke drang om te zwermen, maar omdat ik raszuivere koninginnen wil houden maak ik zelf kunstmatig zwermen. Dat betekent wel dat ik de volken zelf moet splitsen, heen en weer moet sjouwen met kasten vol bijen, de auto in moet met zoemende kasten, koninginnen moet kweken volgens bepaalde stappen met geselecteerde larfjes van anderen. Maar de andere kant is dat ik precies weet wat er gebeurt met mijn volken, dat ze zachtaardig blijven en dat ik niet achter mijn eigen zwerm aan hoef.
Bij hommels overwintert alleen een jonge bevruchtte koningin die op een zelf uitgezochte plek na de winter het volk weer opbouwt. Alle hommels gaan in augustus weer dood, op een verse koningin na die op een nieuw plekje alleen de winter in gaat. Hommels hoeven dus niet te zwermen.
2. -Voorjaar

Hoe mooi is jullie nieuwsgierigheid naar de bijenvolken. Ik krijg zo vaak de vraag hoe het met de bijen is. Helaas is één volk niet goed de winter door gekomen. In het nieuws is de afgelopen tijd naar voren gekomen dat veel imkers volken verloren hebben. Er zijn nog onderzoeken gaande waar dat aan ligt. Gelukkig gaat het met het overlevende volk erg goed. Zij zijn de afgelopen weken hard aan de slag gegaan om te groeien.
Hoe groeit toch zo een volk?
In de winter krimpt het volk tot ongeveer 15.000 bijen. Dat zijn dan de winterbijen -alleen de vrouwtjes- en de koningin. In de winter legt de koningin geen eitjes. Het kost namelijk te veel energie om de eitjes en larfjes te verzorgen. Vroeg in het voorjaar gaat de koningin dan rustig beginnen met eitjes leggen. De larfjes worden gevoerd met vooral stuifmeel. Voor een imker is het dus fijn om te zien dat in het vroege voorjaar de bijen terug naar de kast komen met stuifmeel aan hun poten. Hoe vitaler het volk uit de winter is gekomen hoe sneller de groei zal zijn, tenslotte duurt het ‘van ei naar bij’ 21 dagen. Een koningin kan op het hoogtepunt van de groei tot 2000 eitjes per dag leggen. Dat betekent een heleboel zorgen voor de toch al vermoeide winterbijen én de noodzaak om zo veel mogelijk stuifmeel te vinden in het nog vaak koude weer.
Bij metselbijen gaat het net iets anders in het voorjaar. Als het warm genoeg is worden eerst de mannetjes geboren. Die wachten voor het ‘nest’ tot de vrouwtjes geboren worden en dan vindt direct de paring plaats. De vrouwtjesbij gaat dan op zoek naar een geschikte plaats om eitjes te leggen. De metselbij legt in een gangetje/buisje een ei met wat voer en metselt een muurtje er voor; dit doet ze dit nog een aantal keer: een lange buis met kamers achter elkaar dus. Ook voor hen is het belangrijk dat er vroeg kwalitatief goed stuifmeel is, want als het kamertje vol zit met een eitje en stuifmeel moet het zo een jaar goed blijven, zodat het gebeuren zich het volgende jaar met mooi weer kan herhalen.
#1- Winterslaap
Al meerdere malen heb ik de vraag gekregen of de bijen in winterslaap zijn. Honingbijen overwinteren in de kast door dicht op elkaar te gaan zitten, je ziet dan een mooie bol met bijen, de wintertros heet dat. Alleen de
vrouwtjes (de werksters) en de koningin overwinteren. De nectar en het stuifmeel dat ze vlak voor de winter hebben verzameld dient als wintervoorraad. Door heel hard met hun vleugels te bewegen houden de winterbijen de tros op
zeker 20 graden. Om de beurt hebben ze de taak om te verwarmen, te eten, uit te rusten. Als er tussendoor een warme, windstille en droge dag is zullen ze even de kast uitvliegen om hun behoefte te doen; dat doen ze
namelijk niet in de kast. De wilde bijen overwinteren op verschillende manieren. Bij de hommel is het alleen de koningin die overwintert in het nest of een goede schuilplaats. Er zijn ook bijen die als larve overwinteren,
bijen die als jongvolwassen bij in bergjes afval of bladeren wegkruipen, bijen die de aarde in
kruipen, holle stengels van dode bloemen opzoeken. Pas als de temperatuur oploopt zullen zij uit
hun schuilplek gaan om het eerste voedsel te zoeken. Voorjaarsbloeiers zijn dan ook erg belangrijk voor deze bijen.

foto: De bijen zitten als een mooie bal bijeen (op de tros)
Femke, tuin 10
Openingstijden
Het complex is toegankelijk van zonsopgang tot zonsondergang. De tuinen zijn voor bezoekers te betreden na toestemming van de tuinder.



